Voorkom de kaalslag!

Essay, Opinie

Nederland staat in brand. Althans, zo lijkt het. Noodkreet na noodkreet wordt uit geslaakt om bepaalde overheidsbegrotingen uit te breiden voor het maatschappelijk belang. DNB-President Klaas Knot gaf eind januari nog een 9 als rapportcijfer voor de Nederlandse economie, en zag in die situatie een houdbare groei voor zich. Toch voelen vele sectoren zich tekortgedaan. Een alternatieve blik op de economie is te evalueren op basis van de kwaliteit van de economie. Dan zien we een plaatje van een welvarend land, dat aan de randen van haar capaciteit zit. Voormalig Tweede Kamerlid Ed Groot illustreert die dalende kwaliteit door de overheid als volgt: “oplopende wachtlijsten in de zorg, tijdverspilling door files en te volle treinen en onmachtig is jonge gezinnen te huisvesten, daarmee de grondwet schendend die de overheid opdraagt te zorgen voor voldoende huisvesting.”[1] Vele sectoren winden zich op om meer begrotingsruimte te krijgen om kwalitatieve verbeteringen aan te brengen, op last van schatkistrentmeester Wopke Hoekstra. Ik zal in dit artikel ingaan op overheidstaken als sociale advocatuur, zorg en onderwijs.

Als het gaat over overheidsfinanciën is Nederland sowieso een vreemde eend in de bijt. In de afgelopen financiële crisis was Nederland nooit in de gevarenzone qua staatsschuld. Zeker niet vergeleken met andere Europese landen. Als wij Duitsland als meest stabiele financiële factor in Europa waarderen, kunnen we als Nederlanders best trots zijn. Vergeleken met de Duitsers moest Nederland 0,6% extra rente betalen op de staatsschuld in 2012. Ter vergelijking, België moest 1,9% extra betalen en Frankrijk 1,3%. Misschien heeft Nederland als gevolg van de lage staatsschuld, nu ook zo’n puike economie. Solide overheidsfinanciën zijn belangrijk omdat zij de kredietwaardigheid van een land op de lange termijn garanderen. Maar dit verklaart niet de tekorten van nu. Waar zitten die tekorten onder andere?

Sociale advocatuur

De afgelopen weken maakte Arjen Lubach goeie sier door zijn appèl over de sociale advocatuur. De vergoeding die de overheid biedt, zou volgens veel pro-Deoadvocaten veel te laag zijn. Ook het aantal uren dat aan een zaak wordt toegekend, zou niet overeenkomen met het daadwerkelijke aantal uren dat een sociaal advocaat kwijt is aan een gemiddelde procedure. Een paar jaar geleden gaf Anno Huisman, strafadvocaat te Deventer, een mooi voorbeeld, afkomstig uit een bestaande strafzaak. Een advocaat uit Amsterdam geeft rechtsbijstand aan een verdachte die in Houten in de cel is gezet. De verdachte wil graag bijstand bij de verhoren. De advocaat reist drie dagen heen en weer en is bij de verhoren aanwezig. Hij werkt in het totaal 23 uur en krijgt hiervoor 315 euro (en nog een kleine bijdrage voor de reiskosten van 9 cent/km). Dit komt neer op een vergoeding van een kleine 14 euro per uur. Hierover moet de advocaat wel nog belasting betalen. Dit staat in schril contrast met het uurtarief van 150 tot 200 euro dat een gemiddelde advocaat in rekening brengt. Aangezien dit geen uitzondering is, wekt de terugloop van het aantal advocaten dat voor minder vermogenden optreedt, geen verbazing.

Het beschermd worden door een advocaat is echter niet zomaar een gegeven, het is een grondrecht zoals genoteerd in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (artikel 6). De kaalslag van de overheid kan dus gezien worden als een invoering van de klassenjustitie in Nederland.

DEN HAAG – Advocaten demonstreerden vandaag voor de Tweede Kamer om het belang van de gesubsidieerde rechtsbijstand te onderstrepen. NOVUM COPYRIGHT DIRK HOL

Zorg

De zorg is ook een vergelijkbaar hoofdpijndossier. De Nederlandse zorg is geregeld via een beleid van gereguleerde marktwerking met decentrale partners. Het knelpunt is beheersing van de stijgende kosten van langdurige zorg voor een steeds oudere bevolking. De kosten in de zorg groeien met 7% per jaar, waarvan 3% direct toe te wijzen is aan de vergrijzing. Voor diegenen zonder rekenknobbel, dat is een verdubbeling van de kosten over elke 10 jaar. Terecht lijkt me dan dat Wopke Hoekstra daar aan de alarmbel trekt: de kostentoename is dan niet duurzaam te noemen. Het bestrijden van eenzaamheid en het verminderen van informele (mantel)zorg zal richting de toekomst ook een vergroting van de zorgkosten veroorzaken. Verder is de verwachting dat de productiviteit en effectiviteit van de zorg weinig toe zal nemen: het is immers een sector waarbij mensenhanden belangrijker zijn dan technologie. Het gaat om kwaliteit en veiligheid, doelmatigheid, gepaste zorg, samen beslissen, effectieve diagnostiek, dure geneesmiddelen, (digitale) communicatie, procesoptimalisatie, en last but not least compassie. Het is uiterst complex om al deze zaken te optimaliseren. Het gaat in deze discussie van kostenstijging dus niet alleen over dure geneesmiddelen of de discussies rond solidariteit, maar ook over de manier van decentrale organisatie, die een groot deel van de kosten inneemt.

Ook de veranderende definitie van het begrip ‘gezond’ veroorzaakt een toename van de ‘zorgconsumptie’. Het denken over gezondheid heeft het idee van ziekte en gebrek verlaten en we zoeken nu de oplossing in relatieve gezondheid in termen van zo hoog mogelijke kwaliteit. Het draait nu om ‘positieve gezondheid’, in plaats van de bare minimum. Stijgende lasten in de gezondheidszorg lijken dus onvermijdelijk.

Onderwijs

Het onderwijs is ook een zorgenkindje. Het platform WOinActie pleit al geruime tijd voor maatregelen om de werkdruk bij universitaire medewerkers te verlagen. Ondertussen wordt volop gediscussieerd over welke kant het op moet. Bijvoorbeeld meer ruimte en geld voor vrij en multidisciplinair onderzoek. Sinds 2000 is er een afname van de financiering per student met 25%, tegenover een toename van het aantal studenten van 68%. Naast WOinActie zijn docenten in het basisonderwijs (PO in Actie) en het middelbaar onderwijs (VO in Actie) ook in actie gekomen. De regeldruk zorgt ervoor dat docenten vaak veel werk mee naar huis nemen. De vergroting van klassen maken het moeilijker voor docenten om elk kind passende aandacht te geven. Daarom hebben veel docenten last van stress, burn-outs en over-commitment. Het onderwijs is ook minder aantrekkelijk geworden, wat je terugziet in teruglopende aanmeldingen voor de PABO-opleiding. Een rood vierkant is een internationaal symbool van verzet geworden. Daarbij staat het rood volgens de betogers symbool voor de staat van het onderwijs: in het rood.

DEN HAAG – Ruim 30.000 leraren in het basisonderwijs namen deel aan de manifestatie in het Haagse Zuiderpark in het kader van de landelijke lerarenstaking vandaag. Basisschoolleraren voeren actie voor een beter salaris en een lagere werkdruk. COPYRIGHT DIRK HOL

De corona-crisis zal het lastiger maken voor deze sectoren om meer geld toebedeeld te krijgen. Minister van Financiën Wopke Hoekstra is bereid om tot het uiterste te gaan om de gevolgen van de corona-crisis te bestrijden, zei hij donderdagmiddag in de Tweede Kamer. ‘Onze zakken zijn echt heel diep en ik ben bereid om ze helemaal te legen’, aldus Wopke. De crisis-buffer is geijkt aan de Europese regel dat de staatsschuld van een land niet meer dient te bedragen dan 60% van het bruto binnenlands product. Dit betekent een buffer van ongeveer 90 miljard euro. Erg veel geld, maar onmisbaar om deze crisis verantwoord op te lossen.

Het laat wat mij betreft zien dat overheidsfinanciën niet in lood gegoten zijn. Ze zijn aanpasbaar voor een wisseling in politiek denken. Zoals beschreven, gebruikt de overheid de laatste jaren steeds hetzelfde recept voor de toenemende druk op sectoren: het verhogen van de werkdruk door het negeren van uitdijende systemen en een toename van complexiteit (in de advocatuur, de zorg en het onderwijs). Een kaasschaafmethode die zorgt voor afpeigerend werkplezier, en bovendien minder mensen in deze beroepsgroepen. Dat is jammer, want we hebben in elk van deze drie sectoren een tekort aan mensen. Terwijl deze beroepen onze grondrechten behartigen en beschermen! Misschien kan de corona-crisis ons leiden tot dit andere denken. We moeten helder kijken naar de systemen en ze waarderen door kaalslag te voorkomen. Dat zal in sommige gevallen leiden tot meer overheidsuitgaven, maar zorgt voor het beschermen van onze grondrechten. Daar kan geen koopkrachtplaatje tegenop!


[1] Ed Groot, ‘Rapportcijfer negen’. Financieel dagblad. 30 januari 2020.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *