Hoe redden we het Grand Hotel Europa?

Opinie

Met een gesprek tussen de fictieve wijsgeer Patelski en de protagonist, laat Leonard Ilja Pfeijffer in zijn nieuwe roman Grand Hotel Europa het verleden, heden en de toekomst van Europa zien. Van de dialoog tussen de schrijver en de wijze oude man kunnen we veel leren. Volgens de mannen zijn de culturele verworvenheden van het continent te koop gezet en terwijl we uit alle macht de influx van ongewilde migranten weren, verwelkomen we eindeloze stromen toeristen uit met name Azië. Hoewel de aandacht door Europeanen graag wordt beperkt tot onze culturele prestaties, weten we heel goed dat Europa alleen heeft kunnen bloeien door economische en militaire superioriteit. Terwijl we zelf nog druk zijn met het preserveren en beschermen van onze eigen cultuur zijn we voorbijgestreefd door grote delen van de rest van de wereld. En met het verlies van die positie zijn we ook ons gezag kwijtgeraakt. Europa heeft zijn invloed op de toekomst verloren. De protagonist beweert dat er dagen voorbij gaan dat de Chinezen niet aan ons denken. ‘Europa produceert niet meer’; om de Chinese zelfverrijking te faciliteren en onze eigen ondergang te administreren hebben we een fijnmazige diensteneconomie aangelegd.’ ‘We hebben in feite niets meer te verkopen dan ons verleden.’

Hoewel de fictieve dialoog op een enigszins bombastische wijze een inktzwart beeld schetst, bevat het wel degelijk elementen van waarheid. Terwijl we in Europa weinig veranderd lijken te zijn is de wereld om ons heen een ware metamorfose ondergaan. We dachten met een mix van democratie en liberalisme een onbezorgde toekomst tegemoet te gaan, maar het verloop van de tijd had iets anders voor ons in petto. De 75 jaar vrede die we in Europa hebben ervaren heeft ons doen sluimeren en mede daardoor hebben we niet voldoende oog gehad voor innovatie en vernieuwing en is verandering uitgebleven. Vanuit de NAVO hebben we stevig geleund op de Verenigde Staten om ons te beschermen tegen bedreigingen van zowel binnen als buiten ons continent. President Trump ziet dit (wellicht terecht) als oneerlijk en heeft beloofd daar verandering in te brengen. Met als gevolg een verward en gesegregeerd Europa met 28 losstaande en verschillende defensieapparaten. En dat terwijl we leven in een tijd waarbij Rusland zich in toenemende mate militair lijkt te bemoeien met de landen rondom het Europese continent.

Terwijl Rusland zich met name voordoet als militaire vijand, komt China steeds meer uit de verf als een economische bedreiging. Met het grootste economische project ooit ondernomen, probeert de Chinese premier Xi Jingping Europese lidstaten te charmeren met ongekend grote investeringen in wegen, havens en andere infrastructuur. Het One Belt & One Road Initiative richt zich met name op landen die dergelijke investeringen/renovaties van hun infrastructuur broodnodig hebben Daarbij bestaat het risico dat, wanneer een dergelijk land niet in staat is haar leningen terug te betalen, dat land eigendommen zoals vitale infrastructuur zal moeten afstaan met als gevolg een verlies van soevereiniteit en politieke invloed. Deze infrastructuur beperkt zich niet tot de fysieke ruimte, maar is ook gericht op de nodige verbindingen van de nieuwe digitale wereld. 

Een groot gedeelte van onze toekomst wordt momenteel vormgegeven door de technologiereuzen zoals Google, Facebook, Amazon en AliBaba. Deze bedrijven zijn met name Chinees of Amerikaans en zijn in staat door hun eindeloze zeeën van data en superieure algoritmes onze digitale toekomst te bepalen. Europa blijft achter als het gaat om het bedenken, ontwerpen en produceren van de technologieën van de toekomst. Investeringen in technologieën zoals Kunstmatige Intelligentie, Biotechnologie en kwantumtechnologie zijn noodzakelijk om relevant te blijven in een moderne economie. 

Terwijl de wereld om Europa heen onherkenbaar verandert, is het continent verwikkeld in een worsteling met zichzelf. Neem Groot-Brittannië, dat heeft besloten de Europese Unie te verlaten, maar vooralsnog alleen weet wat het land níét wilt. Of wat te denken van Hongarije dat zich niks aantrekt van de rest van de lidstaten en er een eigen plan op nahoudt. En om nog maar te zwijgen van de populistische rechts-nationalistische beweging die zich (wederom) roert en zich opmaakt een grote slag te slaan tijdens de Europese Verkiezingen en de gevestigde politieke orde een flinke nederlaag toe te brengen. Politieke bewegingen en partijen die terug willen naar een 19e-eeuws Europa, maar daarbij geen enkele oplossing aandragen voor de grensoverschrijdende problematiek waar Europa momenteel mee geconfronteerd wordt. 

Hoewel interne verschillen in een democratie geen enkel probleem zijn, zou de Europese Unie vaker samen eensgezind moeten optreden. Er is dringend behoefte aan verbinders die problemen niet alleen herkennen en benoemen, maar ook met realistische oplossingen komen. Op 7 mei mocht onze eigen Wopke Hoekstra de Humboldt-Rede zu Europa houden. Daarin herkent en beschrijft hij de voornaamste bedreigingen voor Europa: migratieproblematiek, achterlopen op digitalisering, geopolitieke bedreigingen vanuit Beijing en Moskou en een ongecoördineerd Europees defensieapparaat. De Minister van Financiën zette zijn betoog voort door zich uit te spreken voor collectieve oplossingen. Het coördineren en intensiveren van militaire samenwerking op Europees niveau om zodoende een vuist te maken tegen buitenlandse bedreigingen, het aanpakken van lidstaten die maling hebben aan de Europese afspraken en daarmee andere lidstaten dupeert en het massaal investeren in de economie van de toekomst. 

Ook de Spitzenkandidaat van de Europese Volkspartij, Manfred Weber, laat in een interview voor de Christen Democratische Verkenningen weten dat de EU zich economisch en militair krachtiger moet opstellen. Zo wil hij 10.000 grensbewakers aanstellen die helpen de buitengrenzen van Europa te verstevigen en wil hij intensievere samenwerking voor de ontwikkeling van moderne militaire middelen. Ook economisch wil hij een vuist maken richting krachten vanuit niet-Europese landen, maar dat is alleen mogelijk door intensiever samen te werken. 

Op een bepaald punt in de roman van Pfeijffer krijgt de geliefde van de protagonist een aanbod om in de dependance van het Louvre in Abu Dhabi te gaan werken. Nadat hij met pijn in zijn hart moet aanhoren dat zijn geliefde de baan aanneemt, houdt hij een speech ter ere van Europa:

Ik wil een patriot zijn van de Europese Unie, die dag in, dag uit worstelt met achterhaalde nationale deelbelangen en moedig blijft worstelen. Niemand houdt van de Europese Unie, maar ik wel. Ik houd van de poëtische traagheid en de kloekmoedige taaiheid waarmee dit wereldwonder van complexiteit en compromissen wordt vormgegeven. De bouw van de dom van Milaan duurde ook vierhonderd jaar. En terwijl Europa in de jacht naar economische groei, vooruitgang en toekomst zit vastgeklonken aan zijn verleden, als een sprinter die met een springveer vastzit aan het startblok, en aan alle kanten wordt voorbijgestreefd door de rest van de wereld, geef ik Europa gelijk dat het zijn verleden weigert los te laten omdat wortels belangrijker zijn dan bestemmingen. Laat de wereld lemmingen zijn, dan zijn wij een kromgetrokken pijnboom. En in de schaduw van die pijnboom, waar in de loop der eeuwen al zoveel dichters hebben gezeten, daar kan ik schrijven. Hier in de woestijn zou de inkt van mijn pen uitdrogen. Om te kunnen ademen, denken en schrijven moet ik in gesprek blijven met de traditie. Ik heb Europa nodig om te kunnen bestaan.

Zelfs als blijkt dat het Grand Hotel Europa inderdaad in de uitverkoop is gezet, mogen we berusten in het gegeven dat Europa beschikt over competente leiders en kritische schrijvers om van Europa een continent te maken dat we door kunnen geven aan de volgende generatie. Europa is onmiskenbaar voor ons voortbestaan.