Nieuws
mei 15

Vanuit de basis: Irma Bultman

Met deze serie rekenen we af met de waan van de dag en gaan we terug naar de essentie van de christendemocratie. Jonge, enthousiaste en ambitieuze CDJA’ers stellen we de vraag “Wat betekenen de kernwaarden van de christendemocratie voor jou?”. Een gesprek vanuit de basis. Met vandaag in de hoofdrol: Irma Bultman (27).

Als studente politicologie oriënteerde Irma Bultman zich op verschillende politieke partijen. In die politieke zoektocht kwam ze in 2014 uit bij het CDA. Inmiddels is ze afgestudeerd politicoloog, werkzaam bij het Wetenschappelijk Instituut van het CDA én fractievoorzitter in de gemeente Krimpenerwaard. Daarmee heeft ze meer dan genoeg kennis in huis om de diepte in te gaan over de fundamenten van de christendemocratie.

DEN HAAG – Irma Bultman is medewerker van het Wetenschappelijk Instituut (WI) voor het CDA. COPYRIGHT DIRK HOL

Waarom heb je gekozen voor het CDJA?

Toen ik mij, mede door mijn studie, ging oriënteren op de verschillende politieke partijen, bleek de christendemocratie mij als een jas te passen. Dan kom je automatisch bij het CD(J)A uit! Al lijkt het er soms weleens op dat het CDA zelf niet meer zo in de christendemocratie gelooft… Gelukkig zie ik steeds meer (jonge) leden die dat geloof wel in zich hebben en daar zie ik het CDJA ook een positieve rol in spelen. De rol van ‘luis in de pels’, bijvoorbeeld op dossiers als het leenstelsel of de koers van de partij, is voor het CDA echt broodnodig.

Niet alleen maken anderen deel uit van wie een mens is (‘’in de ander ontmoet ik mezelf’’), diezelfde mens maakt ook deel uit van anderen, van gemeenschappen.

Wat is voor jou de essentie van de christendemocratie?

Het startpunt van de christendemocratie is wat mij betreft het besef dat de samenleving geen verzameling is van individuen die toevallig samenwonen: niet alleen maken anderen deel uit van wie een mens is (‘’in de ander ontmoet ik mezelf’’), diezelfde mens maakt ook deel uit van anderen, van gemeenschappen. We zijn er om verantwoordelijkheid te dragen voor de wereld en met elkaar samen te werken, dus ook met die persoon of groep waar je liever niet mee samenwerkt. Vanuit dit mensbeeld maakt een christendemocraat dus ook radicaal andere keuzes dan bijvoorbeeld een liberaal. Het ideaalbeeld van zelfbeschikking en individuele vrijheid laat weinig ruimte voor christendemocratische begrippen als solidariteit, rentmeesterschap en verantwoordelijkheid.

Welke van de vier kernwaarden van het CDA springt er voor jou uit, en waarom?

Het mooie van de vier kernwaarden is dat ze niet los verkrijgbaar zijn. Politieke vraagstukken zijn niet enkel op te lossen door er één kernwaarde op los te laten. Als ik toch moet kiezen, dan springt de kernwaarde ‘gespreide verantwoordelijkheid’ er voor mij bovenuit. Christendemocraten zijn van nature gericht op de samenleving, op organisaties, verenigingen, scholen, zorginstellingen, kerken, etc. Dit voorkomt een heilig geloof in de markt of overheid als oplossingsmachine, terwijl het toch echt de mensen en gemeenschappen zijn die een samenleving vooruit kunnen helpen.

Hoe moet het CDA concreet invulling geven aan gespreide verantwoordelijkheid?

Essentieel voor gespreide verantwoordelijkheid is het begrip ‘vertrouwen’. Dit staat haaks op de bestaande cultuur van afvinklijstjes, bureaucratie en strakke regelgeving. Vertrouwen geeft ruimte voor meer betrokkenheid, gemeenschapszin en professionaliteit. Als gemeenteraadslid zie ik dit ook als kernwaarde waarmee lokale CDA-fracties het verschil kunnen maken. Geven we ruimte aan bestuurlijke reflexen om steeds vaker externe adviesbureaus in te huren of geven we de samenleving zelf de ruimte, de tijd én het vertrouwen om met plannen te komen? De gelijkwaardigheid tussen overheid en de samenleving lijkt steeds meer buiten beeld te raken, de toeslagenaffaire is hier een sprekend voorbeeld van.

Wie de mens ook is of wat hij ook doet, iedereen dient in zijn of haar waardigheid beschermd te worden, ook als dit betekent dat we verschillen moeten accepteren.

Als je een vijfde kernwaarde mocht toevoegen aan de christendemocratie, welke zou dat zijn?

Menselijke waardigheid. Om beleid goed uit te voeren zijn stelsels, regels en protocollen soms nodig. Deze ‘systeemwereld’ begint alleen steeds meer een doel op zichzelf te worden, waarbij weinig of geen ruimte is voor andere opvattingen of mensen die niet in de voorgeprogrammeerde ‘hokjes’ van de meerderheid passen. Het voorbeeld van de toeslagenaffaire is al genoemd, maar ook de roep om de vrijheid van onderwijs in te perken laat zien dat verschillen steeds minder worden geaccepteerd. Maar wie de mens ook is of wat hij ook doet, iedereen dient in zijn of haar waardigheid beschermd te worden, ook als dit betekent dat we verschillen moeten accepteren. Zoals de voormalige Duitse Bondskanselier Konrad Adenauer al eens zei: ‘We leven allemaal onder dezelfde hemel, maar we hebben niet allemaal dezelfde horizon’.